Creatieve berichten over naaien

De vleug en printrichting van stoffen voor rust en symmetrie bij je projecten.

Bij het werken met (hoog)polige stoffen of met quiltstoffen is het soms goed om te letten op resp. vleug en printrichting. Bij patchwork, maar ook bij het maken van bv. kleding. Soms is het verschil tussen voor- en achterkant van een (fleece) stof niet goed te zien, en soms kun je niet goed bekijken of een printrichting van een quiltstof bepalend is voor het project wat je maakt. Velen vragen mij regelmatig: ‘Waar moet je nu op letten?’

Bij Fleece stoffen heb je meestal een duidelijke voor- en achterkant. Wat niet zo duidelijk is, is welke kant JIJ als voorkant wilt gebruiken. Bij het maken van kleding wordt meestal de gladde kant gebruikt als goede kant, dus als voorkant van de stof. Ik gebruik echter veel de ruwere kant als goede kant, dus als voorkant, omdat ik dat effect veel mooier vind. Persoonlijke keuze dus. Wat is het verschil?


De foto hierboven laat twee kanten zien, zoals ik het meestal gebruik: ‘voor’ en ‘achter’ zijn door mij even aangegeven. je ziet duidelijk dat bij mijn gekozen voorkant de stof ruwer is, en bij de door mij gekozen achterkant de stof gladder is. Ook zie je dat – door de wat hogere pool van de ‘voorkant’ de stof donkerder is dan bij de achterkant. Dat kan je al een indicatie geven met welke kant je te maken hebt, als je dit zo kiest.

Je kunt er bij een kledingstuk bv. voor kiezen om de basis daarvan met de zachte kant/hogere pool naar binnen te zetten (dat wordt meestal gedaan, om zo de lichaamswarmte vast te houden), en dan accenten als zakken en randen van mouwen of capuchon (bij een hoodie) juist met de achterkant naar voren af te werken. Daardoor krijg je wisseling van kleureffect, wat heel leuk kan staan.


Waar je dan ook rekening mee moet houden is de VLEUG van de stof: op de afbeelding hierboven zie je dat ik twee stroken tegen elkaar in heb gelegd: de linker strook waarbij de vleug horizontaal loopt, de rechter strook waar de vleug verticaal loopt: dat geeft vaak een duidelijk verschil tussen licht en donker. Iets om rekening mee te houden als je kleding maakt, maar ook bij patchwork, waar ik Fleece stoffen ook wel voor gebruik.


Hoe zit het dan met quiltstoffen? Daar zie je vaak wel een duidelijke printrichting (dat is anders dan draadrichting): strepen lopen een bepaalde richting op, langere figuren geven een richting aan. Heb je een duidelijke afbeelding, zoals bij deze vogeltjes, dan begrijp je wel dat je deze stof niet ‘op z’n kant’ kunt zetten, maar altijd horizontaal in of verticaal in de printrichting moet snijden (afhankelijk of de vogeltjesprint met de draadrichting meeloopt of dwars op de draadrichting).


Bij sommige printjes DENK je dat die geen printrichting hebben. Leg ze dan maar eens tegen elkaar in, oftewel een deel horizontaal en een deel verticaal: als de print niet over een lange lijn doorloopt, maar ‘opschuift’, is hij niet symmetrisch, zoals hierboven goed te zien is. De print lijkt een vierkant op z’n punt te vormen, maar is toch een ruit, oftewel een uitgerekte vorm die langer is dan breed.


Ook dit golvende patroontje heeft een duidelijke richting, zoals je op de afbeelding hierboven goed kunt zien: ik heb dit stofje horizontaal gelegd, en een stuk verticaal, zodat je kunt zien dat er een totaal ander effect ontstaat, als je de stofjes willekeurig gaat gebruiken. Dat kan verstorend werken, maar ook bepalend voor een speciaal effect, als je maar zorgt voor symmetrie en rust in het werkstuk.

Hoe bereik je symmetrie met printrichting?

  • Als je met dit soort stof 4 stroken om een vierkant gaat zetten, kun je twee stroken horizontaal uitsnijden en twee stroken verticaal. Zodra alles aan elkaar zit, wijst de print één richting op.
  • Alle stroken in één richting snijden. Twee stroken zet je aan beide zijkanten van het vierkant, twee stroken resp. boven- en onder. Ook al verschillende de printrichtingen, ze zijn in harmonie opgenaaid.

Bij het maken van meerdere blokken, die verdeeld over de quilt gemaakt worden, kun je ook uitgaan van de windstreken Noord, Zuid, Oost en West. De horizontale stroken zijn dan Noord en Zuid, de verticale stroken Oost en West.

Wil je 4 blokken met een vierkant in het midden maken, waar je aan alle kanten stroken op gaat naaien, snij dan óf 16stroken in dezelfde printrichting, óf 8 horizontaal en 8 verticaal. Daarbij is het van belang om op te letten dat je de verdeling van horizontaal en verticaal gelijkmatig houd. Bij het maken van meerdere blokken, die verdeeld over de quilt gemaakt worden, kun je ook uitgaan van de windstreken Noord, Zuid, Oost en West. De horizontale stroken zijn voor Noord en Zuid, de verticale stroken zijn voor Oost en West.


Op de tekening hierboven zie je hoe een quilt met 4 blokken in het midden gepositioneerd kan worden: alle blokken in het midden hebben een printrichting Noord-Zuid


Hier zie je de 4 blokken met een printrichting Oost-West


En op deze afbeelding zie je twee blokken Noord-Zuid, en twee blokken Oost-West, waarbij ze niet direct onder elkaar gezet zijn, maar om en om.

Al met al iets om je bewust van te zijn, om zo het eindresultaat van je project tot een mooi einde te brengen.

 

Groeten

Sylvia Kaptein
Sylvia’s Art Quilts Studio

Gerelateerde inhoud die interessant voor je is

Commentaren op dit bericht

0 Responses

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Beste bezoek(st)er van de BERNINA blog,

Om afbeeldingen bij de commentaarfunctie te publiceren, moet je je op de blog aanmelden. Hier kun je je aanmelden.

Ben je nog niet op de BERNINA blog geregistreerd? Hier kun je je registreren.

Hartelijk dank,

Jouw BERNINA blogteam