Creatieve berichten over quilten

Een doorlopend quiltmotief maken om over te brengen op een sandwich – deel 2.

Heb je deel 1 van dit bericht goed doorgekeken en zelf een patroon gemaakt? Dan ga ik nu laten zien hoe je van dit doorlopende quiltmotief op patroonpapier snel meerdere exemplaren maakt, ze gebruikt op een sandwich en laat ik het eindresultaat van de quilt zien. Maar voordat ik dat laat zien is het belangrijk dat je weet dat je redelijk wat na-werk hebt, na het quilten: alles hangt af van de lengte van je quiltsteek en hoe je het papier na het quilten wegscheurt, maar daarover meer verderop in dit bericht.

Dreamcatcher-Forever-KS-1Pg-2-1-2017_600
Het doorlopend quiltmotief op patroonpapier is voor éénmalig gebruik: je gaat er nl. overheen quilten. Dus moet je net zoveel exemplaren hebben als je op je quilt gebruikten wilt. Mijn quilt – Dreamweaver, gemaakt via het paper piecing patroon van Judy Niemeyer op de BERNINA770QE – heeft 12 sterpunten, dus moet ik mijn patroon minimaal verdelen in 12 gelijke stukken. Ik heb hem gemaakt met de rood/witte stoffen van de Forever stoffenserie van Judy en Judel Niemeyer: zo is hij meer Kerst-achtig. Het middenrondje heb ik aangepast, die is tegengesteld aan wat je op de foto ziet: gewoon, omdat het kan.

Het doorlopende quiltmotief op patroonpapier heb ik op één van de 12 delen van de quilt gelegd, nog voordat de top van de quilt in elkaar zat: zo kon ik beter bekijken of ik nog meer moest tekenen, en dat was inderdaad het geval.

quiltmotiefdreamcatcher
Ik heb het patroon zoveel mogelijk aangepast, al is het nog wat te groot, omdat het 12e deel van de quilt inclusief naadtoeslag is. Zodra alles in elkaar zit, meet ik het patroon nog een keer op en zet ik definitieve lijnen, waarbij ik ook ga controleren of alles wat links staat rechts aansluit – de 12 delen van het patchwork sluiten immers ook aan.

Misschien vindt je het quiltwerk teveel, dan kun je wat lijnen weglaten, bv. alleen de middellijn overlaten en om en om lijnen er tussenuit laten. Dat heb ik uiteindelijk ook gedaan bij mijn uiteindelijke quiltpatroon. Je kunt overigens altijd nog quiltwerk toevoegen, bv. uit de vrije hand tussen de gemaakte quiltlijnen door.

SAM_6738
Om nu ‘snel’ 12 gelijke quiltpatronen op patroonpapier over te brengen, ga je niet tekenen, maar 12 grote stukken patroonpapier PLUS het origineel als bovenste, op elkaar te leggen, en onder de naaimachine met een lege naald (dus geen garen er in, niet onder en niet boven: bij sommige machines kun je dit instellen, oudere machines hebben er geen problemen mee, en anders moet je eventueel een speciale instelling doen om zo te kunnen werken), prikken, oftewel gaatjes maken, op alle lijnen die je uiteindelijk als quiltpatroon wilt gebruiken. Door alle lagen op elkaar te leggen, worden ze allemaal tegelijk van gaatjes voorzien. Bij het origineel bovenop staan de lijnen, daar werk je op.

SAM_6739
BELANGRIJK: patroonpapier heeft vaak een gladde kant en een doffe, stroeve kant. Leg de 12 stukken patroonpapier allemaal met de gladde kant naar boven. De stroeve kant komt dan tijdens het quilten tegen de stof te liggen, dan glijden de stukken papier minder snel weg.
Zet lange quiltspelden op alle lagen, om ze bij elkaar te houden, en te voorkomen dat ze tijdens het maken van gaatjes verschuiven. Prik zo secuur mogelijk gaatjes op de lijnen van het origineel (bovenste patroonpapier met getekende lijnen – deze blijft overigens het origineel, mocht er iets met de 12 andere patronen gebeuren, dan kun je hier altijd op terugvallen).
SAM_6742
Als alles van gaatjes is voorzien, dat deel dat je daadwerkelijk wilt quilten, kun je de papieren van elkaar afhalen en heb je in één keer 12 patronen met dezelfde opzet. Bedenkt wel dat – zodra je de papieren van elkaar afhaalt, je ze niet meer op exact dezelfde manier op elkaar kunt krijgen, zou je bv. nog meer gaatjes willen maken voor meer quiltlijnen. Beter teveel prikken dan te weinig dus.

SAM_6745
Knip na het prikken van gaatjes alle 12 patroondelen gelijk met het origineel, langs de randen. Hierboven zie je de stapel, nog aan elkaar gespeld om verschuiven tijdens het knippen te voorkomen.

SAM_6749
Haal ze dan van elkaar af en je hebt 12 losse patronen. Alle patronen worden apart 1 x gebruikt voor een segment van de quilt, omdat je er op gaat quilten en het papier na het quilten wegscheurt. Hoeveel patronen jij eventueel maakt, hangt natuurlijk af van het aantal segmenten/stukken van de quilt die jij maakt…

Probeer een stukje vergelijkbaar quiltpatroon op patroonpapier eerst uit op een proeflapje/sandwich – kijk hoe makkelijk of lastig het is om het papier te verwijderen.

SAM_6744
De top van mijn quilt ziet er zo uit. Mooi toch? Hier zie je hem op de sandwich liggen: ecru achterkant, 100% bamboo tussenvulling en de top van de ronde quilt er bovenop. De ecru achterkant en tussenvulling ga ik ook nog rond wegknippen, met ca. 2 cm extra ruimte ten opzichte van de top: dit is voor de uitloop met quilten, zodat ik tot buiten de top kan werken.

SAM_6750
Nu kan ik per segment een stuk patroonpapier met gaatjes neerleggen, vanuit het midden, en vastspelden. Ik ga eerst één patroon neerleggen, en na het quilten van dat deel sla ik een segment over, en quilt het 3e stuk, oftewel om en om. Pas daarna ga ik de tussenliggende segmenten quilten, zodat ik eventuele aansluitingen bij de naden direct kan maken.

SAM_6754
Maak je overigens niet druk als het patroon niet helemaal ‘past’, er zullen altijd kleine stukjes zijn die nét de zijkant niet halen van een segment, of hij is nog te groot. Als je de papieren patronen voor alle segmenten maar zoveel mogelijk gelijk legt. Ik ben in ieder geval aldoor in de naad van de zijkant van een segment begonnen, zodat ik bij het volgende segment altijd de aansluiting kan vinden. (Haal overigens voor het quilten altijd de onderdraad naar boven: dat scheelt ‘vogelnestjes’ aan de achterkant).

SAM_6756
Hier zie je het quiltwerk op de achterkant.

Quilten met grovere steken is belangrijk bij het werken op patroonpapier: als je hele kleine steekjes maakt, krijg je de stukjes papier die achter blijven na het scheuren bijna niet meer weg. Bij het quilten op papier alleen de lijnen quilten, niet de bloemetjes – dat scheelt bij het loshalen van papier.

Het papier na het quilten verwijderen. Belangrijk is dat je rustig scheurt, zo dicht mogelijk tegen de gemaakte quiltsteken aan, dus geen grote stukken in één keer afscheuren, want dan blijven er erg veel kleine stukjes papier onder de quiltsteken zitten.

SAM_6759
Kleine stukjes met een pincet, of met plakband (dat je om je hand gewikkeld hebt met de plakkant naar buiten) dit weghalen. Je moet wel bereid zijn om ook de hele kleine stukjes weg te halen – dat kan een secuur werkje zijn. En ja, dit is een lastig onderdeel dat bij deze manier van werken hoort: elke manier van werken heeft zijn voordelen, maar natuurlijk ook wel wat nadelen.

SAM_6760
Uiteindelijk ziet het er prima uit.

SAM_6762
En dan op naar de volgende: zoals gezegd werk ik de segmenten om en om af: dus nu als tweede nr. 3, dan nr. 5, 7 9 11. Als dat allemaal klaar is, ga ik met segment 2, 4, 6, 8, 10, 12 werken. Omdat ik mijn quiltwerk altijd in een naad begin, kan ik dit heel goed als contactpunt voor de tussenliggende segmenten gebruiken.

Daarna – mocht je daar nog zin inhebben – met een tweede ‘gang’ weer bij de quiltlijnen/er overheen quilten en dan wel de bloemetjes maken, als je dat wilt. Je ziet dat ik dus niet alle getekende lijnen gebruikt heb, maar een aantal: ik vond achteraf dat er teveel quiltlijnen op mijn quilt zouden staan, want ik wilde dit werkstuk ‘luchtig’ houden. Het gaat er voornamelijk om dat je ziet dat deze werkwijze ook mogelijk is.

SAM_6865
Mijn project is in ieder geval klaar. Zo op de balustrade van de overloop komt hij prima uit: je kunt hem op deze manier aan twee kanten bekijken. Weer eens wat anders dan aan de muur hangen, toch?

Deze methode voor het maken van het maken van een doorlopend quiltmotief werkt voornamelijk voor middelgrote tot kleinere quilts: bij hele grote quilts moet je té lange stukken patroonpapier gebruiken, wat niet handig is, omdat je de quilt ook onder je machine door moet halen. Patroonpapier kan dan snel scheuren en dan ben je je patroon kwijt.

Gewoon eens proberen op een klein werkstuk, om te kijken of deze techniek iets voor je is. Altijd goed om iets nieuws uit te proberen, toch?

Quiltgroeten

Sylvia Kaptein
Sylvia’s Art Quilts Studio
www.sylviasartquilts.nl/webshop

Gerelateerde inhoud die interessant voor je is

Commentaren op dit bericht