Creatieve berichten over quilten

Problemen oplossen bij Paper Piecing units die uitlopen

Paper Piecing is een favoriete patchwork methode voor veel quiltsters die via de machine werken. Een handige manier door lapjes op een papieren ondergrond te naaien, op volgorde, zolang een Unit/ondergrond recht is. Maar veel quiltsters vroegen mij om eens goed te laten zien hoe je werkt als een papieren Unit NIET symmetrisch/recht is, maar met een bocht NAAR BOVEN of NAAR ONDEREN uitloopt.


Zelf ben ik op dit moment bezig via de BERNINA 770QE, met de Dinner Plate Dahlia – een patroon van Judy Niemeyer – waarvan je het patroon via de hiervoor aangegeven link kunt bestellen. Dit is een Techniek-van-de-Maand patroon, waar Units bijzitten, die niet recht lopen maar met rondingen, of aan één kant omhoog. Bij de patronen van Judy Niemeyer zitten beschrijvingen die aangeven hoe je vantevoren de lapjes moet snijden, zodat je al een voorgevormd stukje stof hebt om op een bepaalde sectie/plek te leggen. Maar dan nog gaan veel quiltsters ‘de fout in’, door het lapje niet op de juiste manier ‘aan te leggen’.


Dit is de Unit waar ik op dit moment aan werk: ik heb al een aantal stukjes stof opgenaaid – dichte lijn is de naailijn, stippellijn is het einde van de naadtoeslag van het lapje, waar alles via de Add-a-Quarter liniaal, vouwmal en rolmes afgesneden wordt, voordat je het ‘volgende’ lapje eronder legt om dit vast te naaien. De Unit loopt omhoog: in het begin (sectie 1) is een klein lapje voldoende om de sectie te bedekken, maar verderop worden de lapjes steeds groter/langer. Met blauwe lijnen heb ik aangegeven welk deel straks bedekt moet worden.


Bij deze paper piecing techniek, met gebruik Add-a-Quarter liniaal enz, worden de naadtoeslagen van het laatst opgenaaide lapje teruggesneden tot 1/4 inch. Deze lijn heb je nodig om het volgende lapje exact onder/tegenaan te leggen (blauwe pijlen) . Ook langs de bovenkant haal ik het teveel aan stof zoveel mogelijk al weg.

Wat je op de foto als onderkant ziet (is eigenlijk de bovenkant van de Unit, want die ligt ondersteboven), is een recht stuk. Maar de andere kant = echte onderkant – loopt UIT. Dat wil zeggen dat de naailijn van het vorige lapje korter is dan de naailijn van het volgende lapje. En hier moet je uitkijken!


Als je het lapje onder het laatst opgenaaide stofje bij de naadtoeslag gelijk, en je legt het lapje ‘te laag’, zoals je op de foto kunt zien, dan heb je aan de rechte kant een stuk over (blauw pijl), wat niet nodig is, maar komt je bij de uitlopende/andere kant te kort,


wat je kunt zien zodra je het lapje naar de goede kant legt ende unit nog op de naaikant bekijkt. De blauw pijlen geven dat al aan. Je ziet geen stof uitsteken bij die rand van de Unit.


Dat betekent dat je het lapje dus HOGER moet leggen, of OVER de uitlopende rand moet laten uitsteken, zo ver dat het gelijk + ietsje meer komt met de rand van de Unit waar je naartoe werkt. Dat geef ik aan met de blauwe streep. Het beste kun je het lapje dus gelijk + wat extra leggen met de rechte rand, zodat het bij de andere kant uitsteekt.


Vouw het naar de goede kant en je ziet dat het nu op de juiste manier opgenaaid kan worden. Uiteindelijk worden de randen ‘netjes’ gesneden, zodra de hele Unit klaar is.

Als je bij alle asymmetrische Units/paper piecing patronen eerst goed kijkt of een ronding uitloopt naar boven toe, dan weet je vanaf nu hoe je de (ruim gesneden) lapjes neer moet leggen: inzicht in dit soort handigheidjes maakt patchwork een stuk eenvoudiger.

Quiltgroeten

Sylvia Kaptein
Sylvia’s Art Quilts Studio

Gerelateerde inhoud die interessant voor je is

Commentaren op dit bericht

0 Responses

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Beste bezoek(st)er van de BERNINA blog,

Om afbeeldingen bij de commentaarfunctie te publiceren, moet je je op de blog aanmelden. Hier kun je je aanmelden.

Ben je nog niet op de BERNINA blog geregistreerd? Hier kun je je registreren.

Hartelijk dank,

Jouw BERNINA blogteam